Een samenvatting van gegeven preek
4 augustus 2024 bij Ruach Wormerveer
Door Manoah Timmer
Lezen: Matthëus 28:18-20, Lucas 9:23-26, Romeinen 1:16 & 2 Timotheüs 1:7-8
Hoe vaak overkomt het ons niet dat een gevoel van schaamte ons tegenhoudt om over ons geloof te praten? Soms voelen we ons wel vrij om met tieners in een klaslokaal in alle openheid onze levensbeschouwing te delen en hun nieuwsgierige vragen te beantwoorden, maar vallen we stil en laten we de Heilige Geest weg als we met volwassen collega’s in gesprek zijn. Schaamte kan ons verlammen. Stel je eens een rechtszaal voor, waar een rechtvaardige rechter al je tekortkomingen opnoemt en je jezelf onmogelijk kunt verdedigen met goede daden. Precies op dat moment stapt er iemand naar voren die aanbiedt om jouw straf op zich te nemen. Zou je je schamen voor die Persoon, of zou je iedereen vertellen hoe Hij je leven heeft gered? God is die rechter, en Jezus is degene die onze plaats innam.
We zien een prachtig voorbeeld van de overwinning op schaamte bij de Samaritaanse vrouw bij de waterput in Johannes 4. Vanwege haar verleden vermeed ze de mensen en ging ze op het heetst van de dag water putten. Maar op het moment dat ze Jezus ontmoette en in Hem de Messias herkende, viel al haar schaamte weg. Ze liet haar waterkruik achter en rende terug naar het dorp om iedereen over Hem te vertellen. Haar focus was niet langer op haar eigen fouten of op wat anderen van haar dachten, maar verschoof volledig naar Jezus. Soms krijgen we complimenten over een “fijne uitstraling” op de werkvloer en voelen we de kans om over Jezus te vertellen, maar aarzelen we omdat we ineens bezig zijn met hoe we overkomen. Op zo’n moment staan we onszelf in de weg.
De grote opdracht uit Mattheüs 28 – om alle volken tot Zijn leerlingen te maken – roept ons allemaal op, ieder met een unieke gave en op onze eigen plek. We mogen ons geloof uitleven zonder terughoudendheid. We hoeven ons niet te verbergen uit angst of valse bescheidenheid. Paulus herinnert ons er in 2 Timotheüs 1:7 aan dat God ons niet een geest van lafhartigheid heeft gegeven, maar een geest van kracht, liefde en bezonnenheid. Wanneer we onze blik afwenden van onszelf en richten op wat Jezus voor ons heeft gedaan, verandert aarzeling in vrijmoedigheid. Hij nodigt ons uit om met liefde en zonder schaamte het levende getuigenis te zijn op de plekken waar we dagelijks komen.
Overdenking: Vraag jezelf vandaag af: weten de mensen in mijn omgeving dat ik christen ben, en kunnen zij Jezus door mij heen zien? Nodig de Heilige Geest uit om deze week je focus te verleggen van “hoe kom ik over?” naar “wie is Jezus voor mij?”, zodat je zonder schaamte mag spreken over onze Redder.

Geef een reactie